4 Oktober 2018 - maandag tot donderdag in vogelvlucht

Maandag 1 oktober. We steken de snelweg over en zijn terug in het deel waar we in 2012 gewoond hebben. Kawala, Namungoona, Kasubi. De sloppenwijken van Kasubi waar we het project Makerere West Valley Primary School draaien. Inmiddels zitten er nog maar 8 kinderen uit het MWVPS programma op deze school en zijn er al 12 doorgestroomd naar het voortgezet onderwijs (secondary school). Als we bij de school aankomen kijken we onze ogen uit. In april bestond de school alleen uit de begane grond en werd het plafond versterkt, nu staat er een volledige tweede laag op. Nog bijzonderder is het feit dat de headmaster, directeur van deze school, zelf in de dakgoot hangt om het beton van het tweede plafond te storten.

Geweldig om de toewijding en het hart van deze man, voor de kinderen in de aangrenzende sloppenwijk te zien en te kennen. Als we boven op het dak met hem de plannen voor komend jaar doorspreken valt ons oog op de buitenmuur van de school. Afgelopen half jaar hebben Jolanda en ik veel tijd en werk gestoken in het vernieuwen van de website www.bulamu.org. Daarbij hebben we ook een nieuw logo voor de stichting ontworpen; een levensboom bestaande uit een boom met handen als bladeren. Op de muur van de school prijkt een boom – met handen als bladeren. Ons project op deze school heet Hands of Love, een mooi bewijs van leven in de Geest.

Namiro Ireen moet inmiddels een jaar of 17 zijn. Helemaal zeker weet je het nooit met deze kinderen. Ouders en grootouders in een buurt waar je na vijven niet meer wilt vertoeven en voor vijven eigenlijk ook niet. Vorig jaar liep ik er nog ter begeleiding van Thomas en Jacob, die regelmatig aangeklampt werden door lallende mannen die geen andere toekomst hebben dan hun dagbesteding in de schamele waradgi huizen, van bananenbier naar bananengin. De kinderen uit deze leefgemeenschap vinden hun scholing bij MWVPS en één van de sponsors van Stichting Bulamu heeft drie kinderen uit deze school onder haar vleugels, zowel in het begin op de primary school als nu ook op secondary school. 

Gert met een student uit hun project
Village girl

Namiro Ireen is de oudste en heeft afgelopen jaar A-Level / het zesde jaar van het voortgezet onderwijs geprobeerd. Het is haar niet gelukt en samen met haar sponsor hebben we een oplossing gevonden. Irene heeft twee problemen. Haar ouders zijn verongelukt doordat het huisje waarin ze woonden is afgebrand. Haar oma en opa hebben haar uit het brandende huis weten te redden. Geld is er niet. Daarnaast ligt haar linkeroog altijd gericht op uiterst links, deze vorm van scheel zijn heb ik zelden gezien terwijl haar rechteroog voor een groot deel blind is. Dat ze het dan zo ver geschopt heeft komt door haar doorzettingsvermogen. Ieder jaar zocht ze een plekje in de klas vooraan zodat ze toch kon lezen wat er op het bord kwam. In de afgelopen jaren heeft haar sponsor gezorgd voor een goede bril, nu ook met meekleurende glazen. Wat bijzonder is is dat Irene weet wat ze wil. Ze wil het sponsorgeld niet gebruiken voor de studie die haar niet lukt maar ze wil een cursus volgen voor automonteur. Vandaag mogen we haar vertellen dat haar sponsor dat gaat vergoeden voor volgend jaar. We nemen ook een zak geschonken kleding voor haar mee en ik heb nog nooit iemand zo haar horen schreeuwen van blijdschap.


Met een grote schreeuw in de lucht naar de headmaster showt ze haar net verworven Nike schoenen terwijl ze een vreugde dansje op het schoolplein uitvoert. Om haar heen verzamelen zich haar voormalige leerkrachten, met lachende tanden van warmte voor haar. Je wilt niet weten wat dit voor haar betekent. Een kans gecreerd voor een schijnbare kansloze. Vandaag besluiten we om de volgende lichting van 55 kinderen te selecteren voor een volgend sponsorprogramma. Met deze 55 kinderen gaan we met 16 euro per maand een nieuw vervolg voor deze school starten. 180 Kinderen die hier de start van hun toekomst ondergaan. 2 Projecten vinden vandaag hun oorsprong. 650 Euro voor een golfplaten dak, 5 sponsorkinderen deze maand en 50 vanaf januari. Het is aan jullie – Join us Now. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. – Ja natuurlijk sponsor ik ook een kind op makerere west valley primary school

Op dinsdagochtend horen we dat Mark, de eerst gekozene uit de nieuwe lichting, voorzien is van 2 halve sponsors. Dat kan natuurlijk ook en wat een heerlijkheid om te horen voor hem, zijn ouders en deze school. Voor Moses ligt er een taak in het verschiet, hij zal de komende 2 maanden de namen, de foto’s en de verhalen verzamelen waarna we als stichting de mapjes met de kinderen zullen verzorgen. 

Gert met een student uit hun project

Het eigenwijze kleine watje

Het oranje koffertje wordt vervolgd door het eigenwijze kleine watje. Met Jolanda als partner is het leven nooit saai. Dat kan ik je verzekeren. Haar enthousiasme, passie en avontuurlijke inslag is de basis voor alle verhalen die ik al jaren kan maken en levert ook nog altijd verhalen op. Als reismateriaal nemen we het liefst kleding en andere donatiematerialen mee. Dit keer ook Geitenmelk van Vitals, de altijd aanwezige stroopwafels voor Nederlanders in Oeganda en een regiment schoenen. Daarom hebben we in April dan ook besloten om een koffer vol met eigen kleding achter te laten bij Moses. Dit is leuk want nu hoeven we geen schaarse kofferruimte voor eigen kleding te reserveren, we hebben geen kleding mee terug te zeulen en voor ons beleven we een momentje geluk als we een eigen koffer mogen openen om te zien wat we ook alweer achter gelaten hebben. IN de koffer bevinden zich ook wat essentiele zaken zoals oploskoffie en oorstokjes en die laatste categorie, die inderdaad voor het laatst in de achterblijverkoffer heeft gezeten, zorgt voor een interessant nieuw uitstapje.

Gert met een student uit hun project

Op dinsdagochtend bevinden we ons in het Mengo Hospital. Een gigantisch ziekenhuiscomplex op één van de 7 heuvels die het oorspronkelijke Kampala rijk was. Mengo, het oudste ziekenhuis, waar je met de auto op kunt rijden en dan maar moet zien waar je naar toe moet. Gisteren reden we hier naartoe en vonden we uiteraard het laatste plekje om te parkeren en na hier en daar rond te vragen vinden we dan uiteindelijk iemand die ons kan helpen; of eigenlijk iemand die Jolanda kan helpen. Na het gebruik van een overjaard wattenstokje is het watje achtergebleven, diep in haar gehoorgang. We worden doorverwezen naar de “consult” afdeling waar we als eerste horen dat we 50.000 moeten betalen (belachelijk veel geld voor een consult) en daarna te horen krijgen dat we morgen pas terecht kunnen om 2 uur. We willen een afspraak maken om 5 uur maar dat kan niet, om 2 uur komt de dokter. Als we vragen tot hoe laat de dokter er is dan is het antwoord “totdat de lijst op is”. We zijn de eerste op de lijst dus dan maar haasten om hier om 2 uur te zijn. Dit verstiert ons programma behoorlijk want we hebben met Erik-Jan en John Ntabaazi afgesproken om op het land (Masaka road diep in de village) te gaan kijken en daarna in de sloppenwijken waar Erik Jan nu woont, maar afijn, er zijn al drie dagen met een watje verstreken en het is toch tijd om het eruit te laten halen.

Vanmorgen zijn we dus vroeg vertrokken. Na een uurtje rijden, waarvan de helft op dust road, vinden we het land dat John gekocht heeft. John is met zijn One Love Troupe, een bijzonder project van onze stichting. In 2012 hebben we John voor het eerst ontmoet. Hij was in Nederland geweest voor een optreden met een koor en muzikanten en iemand in Nederland wilde zijn studie bekostigen op het moment dat wij in Oeganda waren. We hebben hem opgezocht en vanaf dat moment via zijn sponsor zijn hele leertraject gevolgd. Nu is John op conservatorium niveau bijna afgestudeerd op meerdere muziekinstrumenten waaronder klassieke Cello – terwijl hij ook allen inheemse muziekinstrumenten bespeelt en doordat zijn leven is veranderd door een Nederlandse sponsor, wil hij iets terugdoen voor anderen.

Zodoende hebben we hem door meerdere sponsors kunnen helpen met het registreren van zijn One Love Troupe, een opvanghuis voor straatkinderen waar John en zijn team de kinderen onderwijst in traditionele muziek en dans. Dit jaar hebben zijn sponsors het eerste stuk land aangekocht voor de One love troupe, het land dat we vandaag bezoeken en waar we de eerste paar honderd stenen zien liggen voor de bouw van het kinderhuis. Het is een supermooie natuurlijke omgeving waar de sweet potatoes weldadig groeien en waar dus ook het eten voor de kinderen vrijwel vanzelf tot oogsten leidt. Er is nog een wens voor John om ook de achterliggende plot aan te kopen, waar 3500 euro voor nodig is voor aankoop en registratie, zodat ook na de bouw van het kinderhuis de voorziening van voeding kan plaatsvinden en de kinderen hun oefeningen in dans kunnen voortzetten. Komt tijd komt raad, ook dit is tot nu toe allemaal al tot stand gekomen.

Gert met een student uit hun project

Na een hete rit terug hebben we nog anderhalf uur die we doorbrengen in Bwaise. De kinderen hebben een dans voorbereid en terwijl wij ons vleien in de schaduw van het meisjeshuis voeren de 12 kinderen een opzwepende dans op die ervoor zorgt dat de hele wijk uitloopt en de middag een onderbreking is van de dagelijks sleur in deze buurt. Wat een passie en overgave. Ik ben benieuwd wanneer we de One Love Troupe een keer meenemen naar Nederland. In al deze gebeurtenissen en verhalen zien we Erik-Jan zich bewegen alsof hij hier al jaren komt.

Ik ben trots op hem, zijn rust en meebewegen. De eerste woorden en begroetingen in Luganda, de plaatselijke taal, komen al redelijk zijn mond uit en in het voorbijgaan wordt hij door menige Oegandees begroet alsof hij hier woont. Nadat we beloofd hebben om iedere reis ook voor dit project een koffer kleding mee te nemen (nadat we hen verrast hebben met de eerste koffer – voor ieder wel iets) crossen we de Northern Bypass weer op, terug naar het zuiden.

Om half 2 zijn we in het ziekenhuis. Nederlandse stiptheid. Er is nog niemand te zien. Alleen de askari, de bewaker bij het infopunt herkent ons en is blij ons te zien. Ik ga op zoek naar een soda (een flesje frisdrank) bij een van de kleine kioskjes op de Hospital Alley en als ik terug kom heeft Jolanda in ieder geval een patientenkaart en een receipt voor de 12,50€ consult. De klok tikt door. De patienten stromen binnen. Kwart over 2 – 10 man, half 3 - 20 man, kwart voor 3 – geen activiteit. Om drie uur stipt zien we iemand die de autoriteit van een dokter uitstraalt. Er zitten inmiddels ongeveer dertig patienten in de wachtruimte. Hadden we nu maar gewoon onze tijd genomen. Als de dokter – want het blijkt het te zijn – naar mij loenst en wenkt (een Oegandees brengt in veel gevallen niet meer naar buiten dan de basis keelklanken Mmm Uhmm Uhh of MmmM waarbij je je maar moet afvragen of hij Ja, Nee of misschien bedoelt), veer ik op van de bank, sleur ik Jolanda mee naar de spreekruimte en worden we weer net zo hard teruggestuurd als blijkt dat hij naar onze buren lonkte, een knul met een rontgenfoto in zijn handen waartegen hij zonder veel uitleg vertelt dat de staalsplinter zich bevindt tussen zijn oog en zijn hersens en vervolgens in niet te missen bewoordingen zegt dat hij niet moet huilen omdat het allemaal wel meevalt.

Dit was dus blijkbaar een spoedje en na nog een handgebaar met het alom bekende EuhMmhm blijken we dan toch aan de beurt te zijn. Het watje. Het watje laat zich gemakkelijk verwijderen. Te gemakkelijk eigenlijk. Wat zou het fijn geweest zijn om twee ziekenhuisbezoeken af te leggen en daarmee een dag verloren te hebben voor iets dat zich vrijwel niet liet kennen, bijna operabel niet verwijderbaar zou zijn; maar goed ik dramatiseer, gelukkig staan we na 2 minuten weer buiten – ook tot teleurstelling van Moses, die vandaag met ons optrok en zich wel 10 keer uit het ziekenhuis heeft begeven om nog een telefoongesprek te voeren. Wat zou het leven zijn zonder telefoon, dan zou er wellicht ruimte zijn voor een gesprek ?

Gert met een student uit hun project

Oeganda is telefoonverslaafd. Hier is het telefoongesprek heilig. Waar je ook bent of wat je ook aan het doen bent, zodra de ringtone gaat is een gesprek onderbroken en wordt in geuren en kleuren een gesprek met een virtuele gast gevoerd. Op de terugweg in de auto met drie man achterin zit de een een telefoongesprek te voeren, terwijl de tweede iemand aan het bellen is en de derde tussendoor keihard een Youtube filmpje opzet. Dat moet gezegd worden van Oegandezen, ze storen zich niet aan anderen – maar ga je ook niet aan hen storen want dan heb je geen leven meer.

Op woensdag bezoeken we onze vrienden Ronald en Rachel. Ook hen kennen we al jaren. En voorgangersechtpaar uit Seeta, Mukono. Met Ronald zijn we in 2012 op conferentie geweest naar de Buvuma eilanden en sindsdien hebben we vele plannen voor ontwikkeling besproken en uitgevoerd. Ronald en Rachel hebben inmiddels 2 kerken gestart en voor zijn ondersteuning brengen we ieder jaar een koffer vol met kleding of schoenen mee. De eerste jaren om hem in zijn schoenenhandeltje te helpen, tegenwoordig om zijn kinderen en de kinderen uit de kerk te kleden. Effe vrienden zijn en genieten van hun aanwezigheid. En passant bespreken we een nieuw plan van ons om Ronald te helpen. Ronald heeft grond in de geboortestreek van zijn ouders en geen geld om hier iets mee te doen. Dit horen we veel in Oeganda, er is veel grond en niemand heeft de middelen tot ontwikkeling. Daartoe hebben we een lange termijn visie ontwikkeld om grond voor de stichting te kopen en dit soort mensen op te leiden om hun land te cultiveren en samen met de Nederlandse overheid te investeren in landbouw benodigdheden. We zeggen Ronald toe dat we samen met hem onderzoeken of we bomen kunnen planten op zijn land om over een paar jaar geld op te leveren voor de studie van zijn kinderen. Het loopt uit want het bezoek aan Oegandezen kan niet worden afgerond zonder lokale maaltijd dus om half drie, met nog een “vette bek” van de vis, irish potatoes en rijst, moeten we weg naar het volgende project.

Vanmiddag hebben we afgesproken met Gert en Jill. Kinderhulp Afrika in Namugongo. Ook bekend terrein waar we in 2013 maanden hebben gewoond. Gert en Jill zijn lieverds. Een heerlijk stel. Gave vrienden met 30 jaar Oeganda ervaring. Trots nemen ze ons mee over het terrein van hun MSVS primary school en secondary school. We leren van hen hoe ze in 30 jaar tijd een basisschool, een voortgezet onderwijs en een ambachtsschool hebben opgezet met een volledig Oegandees bestuur. Een groot deel van hun project wordt door Oegandezen bekostigd en een deel nog door hun Nederlandse steun via Kinderhulp Afrika, waar op dit moment het baby huis Nafasi onder valt.

We zijn onder de indruk. 20 Acres land met een enorme hoeveelheid gebouwen, 900 kinderen, 100 man staff, eigen sportvelden en een status in Oeganda waar je u tegen zegt. Ik ben blij toe dat we hen hebben leren kennen om henzelf en net zo blij ben ik dat wij dit project niet hebben. Ieder zijn deel en Gert doet er behoorlijk luchtig over ‘Ach, je groeit er in mee he” Petje af! Na een gezamelijke maaltijd, een hollands bakkie en een laatste groet verdwijnen Gert en Jill naar hun kerkgebouw waar S4 de dienst heeft voorbereid en vlijen wij ons weer in de schier oneindige stroom koplampen die het zwart van de aankomende nacht doorklieven.

Gert met een student uit hun project

Inmiddels is het donderdag. De laatste dag van de eerste week. Een bijzonder moment want we hebben een afspraak met Kevin, General Manager van Agromax. Zodra de registratie van Stichting Bulamu rond is starten we de inschrijving en fondsenwerving voor de aankoop van grond en als dat rond is gaan we deze beplanten met koffie en bomen, in aanloop van de bouw van ons community center. De Stichting zal een ontmoetingsplaats bouwen waar kerken en betrokkenen gebruik van kunnen maken en waar boeren elkaar en ons kunnen ontmoeten om gezamenlijk hun grond te cultiveren en meer te doen met de opbrengst van hun land.

Agromax levert daarvoor de benodigdheden en heeft een nursery voor bomen, koffie en daarnaast alle mogelijke irrigatiesystemen dus samen met Erik Jan en John bezoeken we Kevin. Het heeft knetterhard geregend maar zodra we in Luteete zijn straalt de zon op mijn inmiddels verkleurde huid en wandelen we heerlijk langs alle jonge gewassen. Leuk om te zien dat de zeshonderd bomen die we willen laten planten door Ronald, onze vriend en pastor waar we gisteren zijn geweest, door Agromax geleverd kunnen worden en dat we daar uiteindelijk maar iets van 200 euro voor kwijt zijn.

Na afloop besluiten we John een paar nieuwe shortcuts te leren en schieten we bij Matuga binnendoor naar Wakiso. Op deze weg ligt ook de afslag naar Ireens moeder, wat ons doet besluiten om even langs te gaan. Hier op het platteland chartert Erik Jan de familie van Irene om een Pawpaw (Popo) uit de boom te halen. De oranje zoete vrucht is een onbekende voor ons in Nederland en niet lang houdbaar, dat hoef je tegen Erik Jan niet te zeggen want binnen no-time heeft hij hem helemaal op en krijgt hij nog een nieuwe mee voor vanavond.

Tijd om de jongens even iets anders van Oeganda te laten zien en onder het rythmisch getik van dikke regendruppels nemen we hen mee naar Kavuma Resort waar een klein dierentuintje is waar we een rondgang van een uurtje krijgen langs slangen die je binnen een uur doden tot slangen die je binnen 10 minuten doden, 2 krokodillen en een schijnbaar veilig Hollands uitziend konijn. Het is genoeg voor deze week. We zetten Erik Jan en John af en rijden samen door naar Kira Road – Java’s – ons favoriete restaurant. Veel, goed en relaxed sluiten we af – met friet, ijs en koffie. Echte koffie – Week 2 start morgen Tulabagane (Tot ziens)

Gert met een student uit hun project
Go to top

Stichting Bulamu ©2008-2018 - Site generated by MrKawa - Gopherit

www.veter.shop - mrkawa.com - allesvoorjeschoenen.nl